Bestuurlijke strafbeschikking per 1 mei 2012

Bij bemalen is het sinds 1 mei 2012 mogelijk dat waterschappen gebruik kan maken van bestuurlijke strafbeschikking voor lichte milieu en keurovertredingen. Wat zijn nu de consequenties bij bemalen van een bouwput, infraproject of bijvoorbeeld tijdelijk grondwaterstand verlagen bij een sanering?

Bij bemalen is het dus mogelijk dat de verantwoordelijke een bon krijgt wanneer een strafbaar feit wordt geconstateerd, deze strafbare feiten zijn te vinden in het feitenboekje.

Tot op heden is het gebruikelijk dat bemalingen worden gemeld onder de naam van opdrachtgever/aannemer (deze is dan verantwoordelijke), dit gebeurd door middel van meldingsformulieren bij Waterschap (kan ingevuld worden door diverse partijen aannemer/bemaler/geohydroloog/etc.). Bij geen melding lopen zowel bemaler als opdrachtgever risico. De bestuurlijke strafbeschikking kan aardig in de papieren lopen.

Het is dus aanbevolen bij werkvoorbereiding de juiste stappen te nemen, dit is geen probleem en kost in de meeste gevallen slechts 1 à 2 uren werk. Bij Loots Grondwatertechniek helpen we u graag bij het verzorgen van melding en vergunning, communicatie en beoordeling van bemalingsmaatregelen. Voorkom risico op bestuurlijke strafbeschikking en bouwstop.

Een kleine selectie handhaving feiten bij bronbemaling (uit feitenboekje), u dient te voldoen aan alle feiten om bestuurlijke strafbeschikking te voorkomen:
  • r BM 224 zonder vergunning minder schadelijke stoffen in een oppervlaktelichaam brengen anders dan vanuit een inrichting
  • r BM 225 zonder vergunning van gedeputeerde staten grondwater onttrekken of water infiltreren zonder vergunning als bedoeld in artikel 6.4 Waterwet (max. 50 m3/u)
  • r BM 230 niet melden bij het bevoegd gezag van een grondwateronttrekking of infiltratie van water, waarvoor geen vergunning is vereist krachtens artikel 6.4 Waterwet of een verordening van het waterschap
  • r BM 231 niet voldoen aan de meetplicht ten aanzien van de in elk kwartaal onttrokken hoeveelheid grondwater of geïnfiltreerd water
  • r BM 232 niet voldoen aan de verplichting tot het meten van de kwaliteit van geïnfiltreerd water overeenkomstig de bij ministeriële regeling gestelde regels
  • r BM 256 door degene die voornemens is te lozen als bedoeld in de artikelen 3.1, tweede, derde, vierde en zesde lid, onderdeel a, 3.2, derde, vijfde, zevende en negende lid, 3.5, derde en vierde lid, 3.6, tweede lid, 3.10, eerste lid, 3.11, eerste lid, 3.12, eerste lid, 3.13, zevende en negende lid, 3.17, eerste en tweede lid, 3.20, vijfde lid, 3.21, eerste lid of 3.24 Besluit lozen buiten inrichting, niet ten minste vier weken voordat met het lozen wordt aangevangen, hiervan melding maken bij het bevoegd gezag
  • r BM 320 niet indienen vereiste gegevens bij het melden van af- of aanvoeren, lozen of onttrekken van oppervlaktewater

____________________________________________

Naam

E-mail *

Bericht *